Pip en de raket van karton
Pip vindt een grote kartonnen doos op zolder.
'Dat wordt mijn raket!' roept ze.
Ze plakt er twee vleugels aan en tekent een rond raampje.
Haar kat Moes mag mee als stuurman.
'Drie, twee, één... start!'
Pip doet haar ogen dicht. De doos begint te trillen.
Als ze haar ogen opent, zweven ze tussen de sterren.
Daar is de maan! Ze lijkt wel een grote ronde kaas.
Ze vliegen langs een rode planeet met witte ijskappen.
'Dag Mars!' zwaait Pip. Moes zwaait mee met zijn staart.
Een vallende ster schiet voorbij.
Pip mag een wens doen. Ze fluistert hem zacht in Moes zijn oor.
Dan hoort Pip een stem van heel ver weg.
'Pip! Eten is klaar!'
Pip zit weer op zolder, in haar kartonnen doos.
Was het een droom? Misschien.
Maar op haar trui glinstert nog één klein sterretje.
Einde.
